Deelnemers

Jos Willemse, oprichter/vennoot Dipam:
Dipam begon in 1983 als een initiatief dat verbonden was met de nazorg voor verslaafden van Arta. We begonnen in een kleine ruimte, met een lening van 1000 gulden en wat potten en pannen die we van vrienden en familie te leen hadden. We wilden werken op basis van de sociale driegeleding, al hadden we daar misschien niet al te duidelijke voorstellingen bij, en wilden dus anders omgaan met kapitaal, eigendom, samenwerken. We wilden het liefst ‘warm geld’ als werkkapitaal en financiers die betrokken waren en meedachten. Bij Dipam werkten ex-verslaafden en rondom het werk ondernamen we allerlei andere activiteiten.

In 1988 kreeg Dipam de vorm van een commanditaire vennootschap. Via een stichting die commanditaire vennoot was waren we nog gelieerd aan Arta en samen met andere ondernemingen die waren voortgekomen uit de nazorgprojecten vormden een ondernemersgroep, die ook professionele ondersteuning kreeg op het gebied van marketing, verkoop e.d. We gingen met onze producten de internationale markt op en dat leidde tot een flinke groei. Om die groei te kunnen financieren ontstond een behoefte aan meer kapitaal en zodoende ging ik actief op zoek naar nieuwe financiers.
Dat bracht me in contact met de Stichting Sleipnir en zo werd Dipam in januari 1997 een Sleipnirbedrijf. Tot die tijd was Sleipnir alleen stille vennoot van Odin. Nog weer een jaar later kon het huidige pand, geschikt voor wonen en werken, in Driebergen worden aangeschaft. De verbinding met Sleipnir heeft voor Dipam veel ontwikkeling mogelijk gemaakt.

Sleipnir is voor mij een plek om met geestverwante ondernemers concreet aan de slag te gaan met datgene waarover anderen soms alleen maar filosoferen: de sociale driegeleding. Daarbij is het van belang de dingen gewoon aan te gaan; je gaat met elkaar op weg en waar je uitkomt weet je niet.
Binnen je eigen bedrijf ben je vooral gericht op kansen, op groei, op omzet e.d. In de samenwerking met Sleipnir word je gestimuleerd om verder te kijken, een groter geheel te vormen, te kijken of je ook buiten de eigen kring je verhaal over het voetlicht kan krijgen. Kunnen wij ook anderen enthousiast krijgen voor de achtergronden van waaruit wij werken? Ik vind het belangrijk dat we dat proberen en voor elkaar krijgen.

Het is enorm om te beseffen dat je als ondernemer niet in het economisch leven staat om rijk te worden maar dat je eigenlijk voor het geheel werkt; om werkelijk te ervaren dat het een opgave van het economisch leven is om het geestesleven te steunen zodat het geestesleven weer gezonde kiemen voor de toekomst kan voortbrengen.
De samenwerking van de Sleipnir bedrijven staat aan het begin van een nieuwe fase, doordat de bedrijven er naar streven een percentage van hun omzet aan Sleipnir af te dragen. Daarmee groeit het Sleipnirkapitaal en daarmee worden we gestimuleerd om meer bewustzijn te ontwikkelen van de eigen kapitaalbehoefte maar ook van de vraag vanuit het geheel, namelijk: waar kan het kapitaal het meest vruchtbaar worden ingezet? Een mooie ontwikkeling.

Inmiddels is kort geleden (mei 2008)duidelijk geworden dat er een nieuwe vennoot tot Dipam zal toetreden, terwijl ik over een aantal maanden uittreden. Dipam wordt niet verkocht; we hebben een ondernemer gevonden die het bedrijf binnen de samenwerking met Sleipnir zal gaan voortzetten. Dat stemt mij erg tevreden.
Omdat Dipam onder de paraplu van Sleipnir blijft, is het relatief eenvoudig om het voort te zetten: de nieuwe ondernemer hoeft het niet te kopen. Hij kan voortbouwen op wat er is – en zo moet het ook. Het is vanuit het geheel gezien juist dat dit zo gebeurt. En wat mij betreft is het ook heel mooi: jonge ondernemers komen niet alleen iets halen, ze komen ook iets brengen. Sommigen staan te trappelen en het zou mooi zijn om ze de middelen ter beschikking te kunnen stellen waarmee ze aan de slag kunnen gaan.
Website: www.dipam.nl